Sharing is caring!

Na de zomer begint er iets nieuws: de brugklas. Een groter gebouw, meer leraren, een rooster vol vakken waar je soms nog nooit van hebt gehoord en een klas vol gezichten die je niet kent. Dat is spannend, en dat mag ook. Bijna iedereen die in september begint, voelt zich de eerste weken een beetje onwennig, ook al laat niet iedereen dat zien.

Het goede nieuws is dat je jezelf een stuk op weg kunt helpen. Met een paar handige gewoontes en de juiste houding wordt die eerste periode een stuk overzichtelijker. In dit artikel lees je hoe je nieuwe vriendschappen sluit, grip krijgt op je rooster, omgaat met zenuwen en waarom vragen stellen aan oudere leerlingen zo slim is.

Nieuwe vriendschappen sluiten

Misschien ga je samen met een vriendin van de basisschool naar dezelfde school, misschien ken je helemaal niemand. In beide gevallen is het fijn om open te staan voor nieuwe mensen. Iedereen in de brugklas zit in hetzelfde schuitje, dus de kans is groot dat jouw klasgenoten net zo graag iemand willen leren kennen als jij.

Je hoeft geen groot gesprek te beginnen. Een simpele vraag als “Weet jij waar lokaal 2.14 is?” of “Welk vak vind jij het leukst tot nu toe?” is vaak genoeg. Ga in de pauze niet meteen op je telefoon zitten, maar kijk wie er in de buurt staat. Vriendschappen groeien meestal langzaam, dus maak je geen zorgen als je na een week nog geen vaste groep hebt. Dat komt vanzelf, vaak via een gezamenlijk project, een sportclub of gewoon naast elkaar zitten bij een vak.

Grip op je rooster

Op de basisschool had je meestal één juf of meester en één lokaal. Op de middelbare school wissel je per uur van lokaal en van docent. Dat voelt in het begin als een puzzel, maar met een paar trucs heb je het snel onder controle.

  • Bekijk je rooster de avond van tevoren en pak je tas in.
  • Maak een foto van je rooster als achtergrond op je telefoon.
  • Schrijf huiswerk meteen op in je agenda of app.
  • Loop de eerste dagen een paar minuten eerder naar je lokaal.
  • Check regelmatig op roosterwijzigingen, want die komen vaak voor.

Vragen stellen aan oudere leerlingen

Oudere leerlingen hebben precies meegemaakt wat jij nu meemaakt. Zij weten welke docent streng is over te laat komen, waar je het beste kunt zitten in de kantine en hoe je een toetsweek overleeft. Veel scholen hebben mentorleerlingen of een buddysysteem, waarbij een leerling uit een hogere klas jou op weg helpt. Maak daar gebruik van, ook al voelt het in het begin misschien een beetje gek.

Durf je het niet meteen aan iemand op school te vragen, dan kun je ook eerst online lezen wat andere meiden hebben meegemaakt. Op www.meidencommunity.nl stellen meiden elkaar vragen over allerlei onderwerpen, ook over school en vriendschappen. Zo merk je dat je niet de enige bent met twijfels, en krijg je soms tips waar je zelf nog niet aan had gedacht.

Onthoud dat geen enkele vraag te dom is. Oudere leerlingen vinden het vaak juist leuk om te helpen, omdat ze zich nog goed herinneren hoe het voor hen was.

Omgaan met spanning

Kriebels in je buik de avond voor de eerste schooldag zijn heel normaal. Spanning laat zien dat iets belangrijk voor je is. Het helpt om van tevoren een paar dingen te regelen: weet hoe je naar school fietst of reist, leg je kleren klaar en zorg dat je op tijd gaat slapen. Hoe minder je de ochtend zelf hoeft te bedenken, hoe rustiger je je voelt.

Merk je dat de spanning na een paar weken niet minder wordt, of slaap je er slecht van? Praat erover met je ouders, een vriendin of je mentor. Een mentor is er niet alleen voor cijfers, maar ook om te zorgen dat je je prettig voelt op school. Vaak lucht het al op om je zorgen gewoon even hardop te zeggen.

Geef jezelf de tijd

De eerste maanden draaien vooral om wennen. Je hoeft niet meteen overal goed in te zijn of direct de populairste van de klas te worden. Sommige vakken vallen tegen, andere blijken verrassend leuk. Misschien haal je een onvoldoende voor een toets omdat je nog niet wist hoe je moest leren. Dat is geen ramp, maar een leermoment.

Probeer na elke week even terug te kijken: wat ging goed, en wat wil je de volgende keer anders doen? Zo bouw je stap voor stap vertrouwen op.

Op weg naar september

De overstap naar de brugklas is een flinke stap, maar je staat er niet alleen voor. Klasgenoten, oudere leerlingen, je mentor en de mensen thuis kunnen je allemaal helpen. Als je open staat voor nieuwe mensen, je rooster een beetje bijhoudt en je vragen gewoon stelt, merk je waarschijnlijk al snel dat die grote nieuwe school steeds meer als jouw plek gaat voelen. Veel plezier en succes in september!